Geachte Mevrouw Hustvedt, Beste Siri

Door Barbara Baert, op Thu Jun 03 2021 21:00:00 GMT+0000

Elke vrijdag pent een van onze zes vaste online correspondenten een brief. Deze maand schrijft Barbara Baert naar de Amerikaanse auteur Siri Hustvedt (°1951). In haar recentste roman Herinneringen aan de toekomst ziet Hustvedt haar persoonlijke trauma’s onder ogen en evoceert ze de kracht van verhalen. In die gelaagde memoires voelt Baert zich bijzonder aangetrokken tot de thema’s van weerstand, van voortschrijdend inzicht en van crisis. Toen kwam een film tevoorschijn.

Het is niet de eerste keer dat we elkaar schrijven. Maar nu richt ik mij tot u in een andere context. Vorige maand heb ik u in contact gebracht met Vivian Gornick. Kenden jullie elkaar al? Of hebben jullie elkaar sedertdien ontmoet? Ik wil het gesprek met Vivian graag met u voortzetten.

Uw boek Herinneringen aan de toekomst is verbluffend. Er bestaan herinneringen die strelend zijn als vlinders die op de huid komen zitten – de Italianen noemen dat sfiorare, beste Siri. En die milde aanrakingen deelt u met ons. Maar er zijn ook herinneringen die inslaan als een meteoriet. Zij breken door het vlies van het onderbewustzijn heen. Uw meteoriet zat verborgen in één zin. Terloops. Een herinnering aan uw vader, Lloyd, de liefdevolle en gerespecteerde arts in uw geboorteplek Northfield, Minnesota. Hij zei: ‘Och, wat zul jij later een goede verpleegster worden.’ (p. 191)

De verschroeiende krater van het paternalisme.

(pauze)

Uw Herinneringen aan de toekomst bevat drie verhalen. Ik hoop dat ik dat juist zie. De ik-protagonist vindt de dagboeknotities uit haar jeugd, die verweven worden met het ‘nu’, waarin zij de balans opmaakt van de toen drieëntwintigjarige jonge vrouw. Er is bovendien de detectiveroman die de jonge ambitieuze doctoraatsstudente destijds niet heeft voltooid. Die bijzondere raamvertelling zoekt naar het raadsel van het vroegere ‘zelf’: de crisis, het trauma, de spijt, het onomkeerbare van een beslissing, de gebroken spiegeling tussen de jonge gulzige wetenschapster en de volwassen vrouw. De weerstand. Soms het gebrek aan overgave. ‘De afstand tussen personages begrijpen. Die probeer ik nog steeds te begrijpen.’ (p. 14)

Je scheurde iets in mij, Siri. En achter die scheur wordt Another Woman uit 1988 zichtbaar.

Elegante Siri, uw Herinneringen aan de toekomst zijn een prachtige ode aan de complexiteit en de onbevattelijkheid van wat wij ‘tijd’ noemen. Het ‘nu’ kan volgens Albert Einstein niet eens bestaan. Zo omschrijft u streng: ‘En luister goed naar me: in bezwerende herhalingen verliest de tijd zijn richting. Hij springt vooruit en achteruit, stuitert op en neer. Hij komt bovendrijven en zinkt weer naar de bodem, en hij draait op zijn rad. De muziek echoot en weerklinkt en zwelt aan tot een crescendo, en juist dan is ze bijna niet te verdragen.’ (p. 191) Ja, Vivian Gornicks ongeduldige Kairos is teruggekeerd en loert nu hyperventilerend achter uw zinsneden. ‘Op dit “nu” heb ik gewacht,’ schrijft u, ‘het “nu” dat me zal ontglippen als ik het niet vastgrijp, goed schud en tot de laatste rijke druppel uitpers.’ (p. 22) ‘Soms is het geheugen een mes.’ (p. 50)

Kairos draagt inderdaad het scherpe mes en op zijn mes balanceert de weegschaal: het zoeken van het evenwicht dat zich kristalliseert in het juiste moment.
Herinneringen als bakens die opflakkeren in het heden.
Ketens van ogenblikken.
Flashbacks die het vel van de toekomst doormidden scheuren.
Zie: nu scheurde je ook iets in mij, Siri.
En achter die scheur wordt Another Woman uit 1988 zichtbaar.

U was drieëndertig toen Woody Allen deze meer-tragedie-dan-komedie regisseerde. En u had twee jaar daarvoor uw dissertatie geschreven over defragmentatie in Charles Dickens’ metaforische taal. (U kent de uitspraak van William Butler Yeats: Things fall apart, the centre cannot hold… Daar moeten we het op een andere gelegenheid eens over hebben.)

En achter de scheur komt de zonet vijftig geworden filosofieprofessor Marion Post (Gena Rowlands) tevoorschijn. Ze heeft een sabbatical voor een nieuw boekproject. Ze trekt zich terug in een huurflat in New York. Ze moet echter vaststellen dat haar isolement minder bijdraagt tot het schrijven, dan wel tot de zelfreflectie. Dit zal aanvankelijk tot een crisis leiden, maar uiteindelijk ook tot een catharsis.

Dat is het inderdaad, bedachtzame Siri. ‘De afstand tussen personages begrijpen.’

Gaandeweg beseft Marion namelijk dat ze een leven heeft geleid dat mogelijks te cerebraal was. En dat ze ongewild harteloos op haar omgeving heeft gereageerd. Maar erger nog, ze heeft twee mannen gekwetst. Eerst door de gevoelige en begaafde Larry Lewis (Gene Hackman) af te wijzen en te trouwen met de kille, ontrouwe cardioloog Ken (Ian Holm). Als briljante doctoraatsstudente had zij eveneens een liefdesrelatie met haar promotor, de oudere Sam (Philip Bosco), die ze in de steek liet toen ze zwanger van hem bleek te zijn, en koos voor abortus omwille van haar carrière. Tot tweemaal toe gaf ze zich dus niet over aan een passie, maar koos zij voor de rede. De volgende uitspraak typeert Marion:

‘If someone had asked me when I reached my fifties to assess my life, I would have said that I had achieved a decent measure of fulfillment, both personally and professionally. Beyond that, I would say I don't choose to delve.’

(U glimlacht, Siri. Vanachter uw uitzonderlijk ranke hand. Maar leest uw man Paul A. eigenlijk met ons mee? Misschien stuurt u hem dan beter naar de belendende kamer?)

(pauze)

Het is gebeurd, Siri. U, Marion, Hope en ik zijn samen in een brief beland.

De aanleiding voor Marions voortschrijdend inzicht en haar afdaling in de veel gevoeligere ‘ik’ is de stem van de depressieve ‘andere vrouw’: Hope (Mia Farrow). Aanvankelijk hoort ze enkel de stem van Hope door het ventilatierooster in de wand van de belendende kamer van haar flat. Ze probeert de stemmen te dempen met kussens. Maar dat lukt niet. De stem overheerst. Marions flat wordt de inwendige kamer. De ruimte weerspiegelt haar interne crisis en zoektocht. Later zal Marion de vrouw van de mysterieuze stem toevallig ontmoeten. En wanneer ze samen naar een pub gaan, is het precies daar dat Marion de cardioloog betrapt met een van haar vriendinnen. De scène is een van de laatste fases in de ontmaskering van haar eigen leven. De consequenties van haar daden en beslissingen worden pijnlijk duidelijk.

Dat is het inderdaad, bedachtzame Siri. ‘De afstand tussen personages begrijpen.’ Marion voelt een speciale band met de zwangere droevige vrouw, omdat die haar eigen gemiste kansen in het leven schijnt te belichamen, maar nog jong genoeg is om keuzes te herzien en het lot af te wenden. Via theatersymbolen zoals het masker, dat ook in uw Herinneringen aan de toekomst een belangrijk motief is, spoelt de van ballast gezuiverde Marion aan in een boek dat ze had verzuimd te lezen en waarin ze zichzelf terugvindt: de roman geschreven door een afgewezen geliefde, Larry Lewis…

Het is gebeurd, Siri. U, Marion, Hope en ik zijn samen in een brief beland.
In de inwendige kamer van het verzengende besef.
Van de meteoriet en de krater.
Van de taal en de tijd.
Van catharsis en herstel.
U beschrijft het immers zelf, wijze Siri:

‘Binnen de vier muren van die kamer stapelt spijt zich op: spijt van het wachten, spijt van wat nooit is gebeurd, spijt van wat nooit is uitgesproken, spijt van de boeken die nooit werden geschreven en nooit uitgegeven, spijt van het duwen en trappen en porren en stoten. Lang geleden ontsluierde een dichter de vrouw in de kamer: “Mijn naam is Had-kunnen-zijn, ook heet ik Niet-meer, Te-laat, Vaarwel”.’ (p. 389)

Still uit ‘Another Woman’, Marion en Larry schuilen voor de regen (flashback), timestamp: 1:17:14, Woody Allen (°1935), 1988, United States, Orion pictures.

De camera staat klaar in een voetgangerstunnel.
Ik weet dat u meekijkt, Siri.
Daar in de schuilplaats geeft Marion zich eindelijk over aan een kus.
Daar valt Marion samen met haar eigen ik.
Nu wordt zij haar eerste personage.
Van voor de tijd van Metanoia.
Van voor het masker.
Toen stemmen nog niet gedempt gonsden achter ventilatieroosters van zwartbestofte spijt.

Het wonder van het medium.
Het ‘nu’ wordt verlegd.
De cineast redt Marion in een flashback.
De defragmentatie is ingezet, Siri.
Deze vrouw weet nu wie zij is.

Met hartelijke groeten,

Barbara Baert